This site hosted by Free.ProHosting.com
Google

Balder Pensioenen

Gratis offerte
Pensioenfonds
tpg kpn pensioen
ombudsman pensioen
Pensioentekort
infodienst pensioenen
aow netto
pensioen zelfstandigen
pensioen onderwijs
 
 

Welkom op Balder Pensioenen,
rubriek wet aanvullende pensioenen

 
girl Gratis pensioenofferte en/of pensioenadvies

women wet aanvullende pensioenen nieuws: pensioen

Vrijstellingen schenkingsrecht

Vrijstellingen schenkingsrecht

Informatie na uitvaart

Na de uitvaart
Een sterfgeval veroorzaakt vaak verdriet, soms zelfs ontreddering. Tevens is er een hele papierwinkel om af te wikkelen. Voor de eventuele partner en kinderen moet de financiële situatie duidelijk worden. Het zijn niet alleen de zakelijke kwesties die aandacht vragen. Vaak worden nabestaanden ook met heftige gevoelens geconfronteerd. Ze kunnen op lichamelijk, sociaal en emotioneel gebied danig van slag raken; soms heftiger of anders dan verwacht. Lees over het fenomeen rouw, herkenning kan steun en begrip geven.

Administratieve afwikkeling
Er zijn een aantal zaken die meteen om afhandeling vragen.

* Men moet bijvoorbeeld nagaan of er een testament of codicil is. Mogelijk zijn er uitvaartwensen in vastgelegd of is er iemand aangewezen voor de afwikkeling, de executeur testamentair.
* Tevens gaat u na of er een uitvaartverzekering is (soms wijst de verzekering een uitvaartondernemer aan).
* Zijn er elders uitvaartwensen vastgelegd?
* Een Verklaring van Erfrecht krijgt u via de notaris, hiermee kunt u bank- en girozaken afwikkelen.
* De bank/postbank moet op de hoogte gesteld worden van het overlijden; soms wordt de rekening geblokkeerd.
* Licht werkgever of uitkerende instantie in. U kunt een rouwkaart sturen met het registratienummer van de overledene. Neem zo nodig contact op met de instelling over hun werkwijze. Soms kunt u een overlijdensuitkering aanvragen.
* U licht de betreffende pensioenfondsen in.
* Zijn er lopende schulden en verplichtingen? U kunt de erfenis weigeren, raadpleeg de griffie van de Arrondissementsrechtbank.

Zaken die minder haast hebben
Er zijn ook zaken die geregeld moeten worden die minder haast hebben.

* Is er extra ondersteuning nodig in de vorm van een aanvullende sociale uitkering?
* Denk aan het regelen van zaken op gebied van het huis en zaken rondom kinderen en huishouding.
* U zult een inventarisatie moeten maken van automatische afschrijvingen, creditcards en betaalcheques en deze eventueel moeten opzeggen.
* Wat waren de banksaldi bij overlijden?
* Tot slot gaat u na met welke instanties en organisaties de overledene contact had om hen te informeren over het overlijden: ziekenfonds, abonnementen, lidmaatschappen, enz. U kunt daartoe het bank- of giroboekje en de agenda van de overledene doorlopen.
* De boedel moet misschien geïnventariseerd of getaxeerd worden en verzekeringen geïnd of beëindigd. Mogelijk is er een bankkluis. Zijn er effecten of onroerende goederen? De boedel moet worden verdeeld, soms het huis ontruimd.

Naast alle geregel zult u emoties ervaren: zie rouw. Zoek zo nodig hulp.

Nagaan testament of codicil
In een testament of codicil kunnen wensen ten aanzien van uitvaart en afwikkeling zijn vastgelegd. Via het Centraal Testamentenregister kunt u opvragen of er een testament is. Ook kunt u naar een willekeurige notaris stappen, voor een in depot gegeven codicil naar de Inspectie der Registratie en Successie. Meestal ligt het codicil bij de waardepapieren of in een kluisje; direct betrokkenen weten dat vaak.

Uitvaartverzekering
Een sommenverzekering (ook wel kapitaalverzekering genoemd) keert na overlijden geld uit. U kunt de polis verzilveren door de betreffende maatschappij het origineel te sturen, houdt u zelf een kopie. Sluit een kopie van de akte van overlijden bij en het bank- of gironummer, en vermeldt op wiens naam de rekening staat. Er wordt uitbetaald aan de rechthebbende op de polis. Als de rechthebbende zelf al is overleden, of de polis wordt door een ander ingestuurd, dan worden de richtlijnen gevolgd die in de polisvoorwaarden omschreven zijn.
Een naturaverzekering verzorgt en betaalt de uitvaart. U meldt het overlijden meteen bij de verzekering. Als de verzekeraar namelijk met XFX002eigenXFX002 ondernemers werkt, kunnen er meerkosten voor de nabestaanden ontstaan, indien men zelf een uitvaartondernemer inschakelt. Een naturaverzekering bespaart veel geregel.

Lees ook het artikel XFX002Wat gaat het me kosten en hoe financier ik de uitvaart?XFX002.

Verklaring van Erfrecht
Om de erfenis af te kunnen wikkelen en rekeningen te deblokkeren, heeft u een Verklaring van Erfrecht nodig. Deze krijgt u van de notaris. Hij gaat na wie er bij testament of bij de wet erfgenaam zijn. De notaris heeft nodig: een bewijs van overlijden, het eventuele trouwboekje of samenlevingscontract, een lijst met namen en adressen van de erfgenamen en uw legitimatie.

Sinds 1 oktober 1999 gelden geen vaste tarieven meer voor diensten van notarissen. Wel is voor sommige diensten door de overheid een maximumtarief vastgesteld. Indien u niet minderdraagkrachtig bent en geen (gezamenlijk) eigen vermogen heeft van meer dan EUR 226.980,- geldt voor testamenten huwelijksvoorwaarden, partnerschapsvoorwaarden en samenlevingscontracten een ander maximumhonorarium. Op grond van de Notariswet mag de notaris niet meer dan EUR 1433,50 voor de daaraan verbonden gebruikelijke werkzaamheden in rekening brengen. Bent u minder draagkrachtig in de zin van de Wet op de rechtsbijstand of is het saldo van de nalatenschap minder dan EUR 6.370,- , dan kan een verzoek gedaan worden het honorarium van de notaris te maximeren tot EUR 358,37 (incl. BTW). De maximering betreft uitsluitend het notarieel honorarium. De overige aan de akte verbonden kosten dient u altijd volledig te voldoen. Dat betreft onder andere de kosten van bij diverse bevolkingsregisters voor het opvragen van informatie over overledene en erfgenamen. Voor meer informatie, zie http://www.notaris.nl.

Bank- en girozaken
Bank en giro worden schriftelijk op de hoogte gesteld van het overlijden. Zij sturen u vervolgens de nodige papieren toe. Lopende machtigingen vervallen, na melding van het overlijden wordt de rekening op één naam door de Postbank geblokkeerd om misbruik te voorkomen. Betalingen die betrekking hebben op de afwikkeling van de huishouding van de overledene en de uitvaartkosten gaan meestal door, zelfs als de rekening geblokkeerd is. Overleg zo nodig met bank of giro.

Een en/of-rekening, een rekening op twee namen, wordt door de Postbank niet geblokkeerd. Alleen bij onenigheid gaat de Postbank hiertoe over. Als er meer dan 5000,- euro op de en/of-rekening staat, wordt er wel een Verklaring van Erfrecht gevraagd. Erfgenamen kunnen eventueel blokkade eisen en van het saldo bijvoorbeeld (uitvaart)kosten betalen.

Pensioenen
Als er pensioen-aanspraken zijn, neemt u contact op met pensioenfonds of werkgever, denk ook aan XFX002oudeXFX002 pensioenen. Men gaat na of u recht op een uitkering heeft. Soms heeft ook de ex-partner aanspraak. Neem contact op met de Verzekeringskamer; Voor ambtenaren met het ABP.

Algemene Nabestaandenwet (ANW)
De ANW is een uitkering voor nabestaanden (achterblijvende (huwelijks)partner, halfwezen en wezen). Deze uitkering is inkomensafhankelijk. De nabestaande is jonger dan 65 en heeft een kind van jonger dan 18 dat tot de eigen huishouding behoort, óf is ten minste 45% arbeidsongeschikt, óf is geboren vóór 1950. Ook hebben recht op uitkering: gehuwden die geboren zijn op of na 1 januari 1950 en voor 1 juli 1956, mits gehuwd met de overledene.
De ANW is gebaseerd op 70% van het netto minimumloon en is inkomensafhankelijk. Het gaat dan met name om inkomsten uit (vroegere) arbeid. 50% van het minimum bruto-minimumloon plus 1/3 van de rest is vrijgesteld. Bij een bruto-maandinkomen dat hoger is dan 1766,- euro is de uitkering nihil. Voor nadere informatie, ook over wezen en half-wezen en voor aanvraag van de uitkering, wendt u zich tot de Sociale Verzekeringsbank.

De AOW-uitkering
U bent 65 jaar of ouder: u ontvangt na overlijden van uw (huwelijks)partner een alleenstaanden-AOW. Tevens heeft u recht op de overlijdensuitkering, raadpleeg de Sociale Verzekeringsbank (SVB).
U woonde met de overledene samen en bent zelf nog geen 65 jaar: na overlijden vervalt de eventuele toeslag die uw partner ontving. U vraagt de ANW en de overlijdensuitkering aan bij de SVB.

Overlijdensuitkering
Bent u nabestaande van iemand die in loondienst werkte of een uitkering kreeg? Onder bepaalde voorwaarden heeft u recht op een overlijdensuitkering: ten eerste de (huwelijkspartner) met wie de huishouding gedeeld werd (of de minderjarige kinderen). Ook komt in aanmerking degene met wie de overledene een huishouding voerde of voor wie hij kostwinner was. De rechthebbende ontvangt een uitkering over de periode van een maand vanaf het overlijden.

Belastingen
Na overlijden kunt u te maken krijgen met de belastingzaken van de overledene en met uw eigen successie-formulier. Na overlijden stuurt de belasting automatisch het formulier van de Inkomstenbelasting toe. Soms kan invullen van een T-formulier zinvol zijn om teveel betaalde inkomstenbelasting terug te vorderen. Kosten in verband met het overlijden zijn XFX002buitengewone lastenXFX002. U kunt ze met nota als aftrekpost opvoeren. De naturaverzekering is alleen aftrekbaar in de jaren/het jaar dat de premie/koopsom wordt betaald. Informatie bij de Belastingtelefoon, Belastingdienst of (tegen betaling) bij een belastingconsulent.

Zaken op gebied van het huis
Indien de overledene een huurhuis bewoonde, stelt u de verhuurder in kennis. Het contract eindigt twee maanden na overlijden. Houdt u zich wel aan de opzegtermijn, anders betaalt u langer. Indien de overledene niet alleen woonde, wil de huisgenoot het huurcontract misschien voortzetten. Huwelijkspartner en medehuurder worden automatisch huurder. Wanneer men geen medehuurder is, verloopt het huurcontract na 6 maanden. Voor verlenging is toestemming nodig van de verhuurder. Beroep tekent u aan bij de kantonrechter.
Huursubsidie: wanneer het inkomen daalt is er soms recht op huursubsidie of verhoging van bestaande subsidie. Het subsidiejaar loopt van 1 juli tot 1 juli. Indien noodzakelijk verstrekt de Sociale Dienst intussen woonkostentoeslag. Huursubsidie vraagt u aan bij de gemeente.

Kinderen
Uw achteruitgaand inkomen kan aanleiding zijn tot verstrekking/verhoging van studiefinanciering: neem contact op met de Informatie Beheer Groep in Groningen. Mogelijk is er gezinshulp (eigen bijdrage) nodig, of kinderopvang. Vaak zijn er wachtlijsten. De kosten zijn vaak niet aftrekbaar, wel komt u in aanmerking voor (aanvullende) alleenstaande ouderaftrek (raadpleeg de belastingtelefoon).

Voogdij
Ga na of er in het testament iets over is opgenomen. De kantonrechter wijst een voogd toe. Bij de griffie van het kantongerecht en de Raad voor de Kinderbescherming krijgt u op verzoek mondelinge of schriftelijke informatie.

Rouw
Het hele organisme moet zich na een verlies herstellen, hetgeen gepaard kan gaan met allerlei emotionele en lichamelijke reacties. Heel persoonlijke reacties ook, en soms is dat juist het ontbreken van al die gevoelens die men na een sterfgeval verwacht. In de literatuur worden dikwijls verschillende XFX002fasenXFX002 genoemd, die een rouwende door zou (moeten) maken. In de praktijk blijkt echter dat er grote verschillen zijn tussen rouwenden. Je zou zelfs kunnen zeggen dat XFX002normale rouwXFX002 niet bestaat. Er zijn talloze manieren van verliesverwerking die je XFX002normaalXFX002 zou kunnen noemen. Ook mensen die kort na het overlijden geen XFX002rouwreactiesXFX002 vertonen, hoeven niet noodzakelijkerwijze later in de problemen te raken. De opvatting dat een rouwende XFX002het verlies moet doorwerkenXFX002 is daarmee genuanceerd. Vaak bestaan er bij de nabestaanden zelf, bij hun omgeving en zelfs bij hun hulpverleners vastomlijnde ideeën over hoe het rouwproces zou moeten verlopen, hoe lang het mag duren en welke gevoelens wel of niet gepast zijn. Mensen kunnen daardoor het gevoel krijgen dat zij het niet goed doen, dat ze XFX002gekXFX002 zijn of dat ze te weinig om de overledene gegeven hebben.

Uit het voorgaande mag duidelijk zijn, dat je tolerant kunt zijn tegenover je eigen gevoelens en die van andere rouwenden: acceptatie dus van de mate waarin men een lichamelijke of psychische ontregeling ervaart. Dit betekent echter niet dat rouw nooit problematisch is. Wanneer iemand zelf zijn rouw als te langdurig ervaart, of zich geen raad weet met de intensiteit van de gevoelens, is het altijd zinvol hulp te zoeken. Hulp bij een deskundige of bij een lotgenotengroep. Die herkenning en ondersteuning kunnen je weer op weg helpen in een moeilijke tijd.

Voor meer informatie over Rouw kunt u terecht bij de Landelijke Stichting Rouwbegeleiding (LSR).




banking Voor meer informatie over wet aanvullende pensioenen adviseren wij u de site: regel nu uw nabestaanden pensioen te bezoeken.

wet aanvullende pensioenen nieuws

money

alles over de ANW hiaat verzekering

Heeft u enig idee van welk inkomen uw nabestaanden moeten rondkomen
Als u er plotseling niet meer bent? Dat is een belangrijke vraag. Maar de meeste mensen staan zelden stil bij de financiële gevolgen van een overlijden. Toch bent u nuchter genoeg om te beseffen dat u daarover eens moet nadenken. Wat zijn de financiële gevolgen en wat kunt u doen om te voorkomen dat uw nabestaanden financieel onverzorgd achterblijven?De overheid treedt terug.
De verzorgingsstaat brokkelt steeds verder af. Zeker nu de overheid zich ook terug getrokken heeft op het gebied van de volksverzekeringenvoor weduwen, weduwnaars en wezen. De regering legt de verantwoordelijkheid voor een goede financiële regeling voor nabestaanden neer bij de burgers zelf. Op 1 juli 1996 is er een einde gekomen aan de Algemene Weduwen en Wezenwet (AWW) en is de Algemene Nabestaandenwet (ANW) in werking getreden.Hieronder leest u meer over de verstrekkende gevolgen van de wijziging. En over wat u daartegen kunt doen.Wie komt er nog in aanmerking voor een uitkering?
Gevolg van de wetswijziging is dat niet meer elke nabestaande in aanmerking komt voor een ANW-uitkering. Als u komt te overlijden heeft uw partner alleen recht op een uitkering als hij of zij:-Voor ten minste 45% arbeidsongeschikt is
-Geboren is voor 1 januari 1950
-Voor 1 of meer kinderen zorgt die jonger zijn dan 18 jaarHoe hoog is de ANW-uitkering?
De gevolgen van de wetswijziging zijn ingrijpend. De maximale uitkering wordt fors lager en is mede afhankelijk van uw inkomen. De ANW-uitkering bedraagt maximaal 70% van het netto-minimumloon, dus zo’n 1300 gulden netto per maand. En als er 1 of meer kinderen jonger dan 18 jaar zijn, is de uitkering maximaal 90%, dat is rond ƒ1700 gulden netto per maand.De ANW is echt een bodemvoorziening. Als het inkomen van de nabestaande hoger is dan zo;n ƒ4000 gulden bruto per maand, dan is er al geen recht meer op een ANW-uitkering.Heeft de nabestaande een lager inkomen dan ƒ4000 gulden bruto per maand, dan wordt op de ANW-uitkering gekort. Uitzonderingen hierop zijn een uitkering uit een nabestaandenpensioen van een werkgever en inkomsten uit vermogen, zoals bijvoorbeeld een verzekeringsuitkering.Komt uw partner eigenlijk wel in aanmerking?
Met behulp van het onderstaande schema kunt u vaststellen of uw partner een volledige, een gedeeltelijke of helemaal geen ANW uitkering zal ontvangen. Bij overlijden van de kostwinner krijgt de nabestaande nog slechts in enkele gevallen een uitkering van de overheid, namelijk:- de nabestaande is geboren voor 1950
- de nabestaande heeft kinderen jonger dan 18 jaar
- de nabestaande is 45 % of meer arbeidsongeschikt.In alle andere gevallen blijft de nabestaande met lege handen achter. Hoort u tot deze groep Maak dan met ons een afspraak om te bespreken wat we hieraan kunnen doen.Extra informatie: Wanneer heb je recht op betaling!Algemene Nabestaandenwet (ANW)
De Algemene Nabestaandenwet (ANW) is een volksverzekering, iedereen die rechtmatig in Nederland woont is hiervoor verzekerd.De ANW regelt het recht op uitkering voor nabestaanden, halfwezen en wezen.Met ‘nabestaande’ wordt bedoeld de weduwe of weduwnaar van een overledene, of de man of vrouw die met de overledene samenwoonde tot en met de dag van overlijden. Weduwe/weduwnaar voor 1 juli 1996
Voor weduwen, weduwnaars en wezen die vóór 1 juli 1996 al recht hadden op een AWW-pensioen, is er een overgangsregeling (met afwijkende regels). Meer informatie hierover kunt u vinden bij de Sociale Verzekeringsbank.Verzekerd
Wie rechtmatig in Nederland woont is verzekerd voor de ANW. Ook als u niet in Nederland woont, maar wel hier werkt en op grond daarvan onder de loonbelasting valt, bent u verzekerd. Tot 1 januari 2000 kunt u op grond van sommige Nederlandse uitkeringen ook in het buitenland verzekerd blijven. (Daarna uitsluitend als vrijwillig verzekerde.) In het algemeen bent u niet verzekerd als u zich in het buitenland vestigt of daar gaat werken.
Bij tijdige aanmelding is het mogelijk om de verzekering vrijwillig voort te zetten.Partnerbegrip in de ANW
Voor de ANW zijn met gehuwden gelijkgesteld geregistreerde partners en ongehuwd samenwonenden. U bent samenwonend als u met iemand anders een gezamenlijke huishouding voert. Dat is het geval als u gezamenlijk voorziet in huisvesting en ieder van u een bijdrage levert in de kosten van de huishouding, dan wel op een andere manier in elkaars verzorging voorziet.De gelijkstelling geldt niet als u samenwoont met één van uw ouders of met uw (meerderjarig stief- of pleeg)kind, en ook niet als u met meerdere personen samenwoont.Wanneer recht op ANW?
Recht op uitkering bestaat als de overledene op de dag van overlijden verzekerd was voor de ANW en de nabestaande aan bepaalde voorwaarden voldoet.Soorten uitkering
De ANW kent drie soorten uitkeringen: nabestaandenuitkering halfwezenuitkering wezenuitkering.
Nabestaandenuitkering
Een nabestaande heeft recht op een ANW-uitkering als de overledene op de dag van overlijden verzekerd was voor de ANW én de nabestaande:een ongehuwd eigen kind, stief- of pleegkind onder de 18 jaar heeft dat niet tot het huishouden van een ander behoort, in verwachting is, arbeidsongeschikt is voor ten minste 45% en de arbeidsongeschiktheid ten minste drie maanden zal duren, of geboren is vóór 1 januari 1950. Voorbeeld
Het echtpaar de Vries - allebei geboren in 1969 - heeft (nog) geen kinderen. Hij werkt in de automatisering, zij is nog bezig haar studie af te ronden. De heer de Vries krijgt na het joggen een hartstilstand. Mevrouw de Vries heeft geen recht op ANW, omdat ze onder geen van de genoemde situaties valt.Gescheiden
Ook ex-gehuwden (of ex-partners die zich bij de burgerlijke stand hadden laten registreren) kunnen recht hebben op een nabestaandenuitkering, voorzover zij door dit overlijden inkomsten uit alimentatie verliezen. Deze alimentatieverplichting moet door de rechter zijn opgelegd of in een notariële of onderlinge akte - mede ondertekend door een advocaat - zijn vastgelegd. Verder moet de nabestaande zowel op dag van de (echt)scheiding als op de dag van overlijden van de ex-(huwelijks)partner voldoen aan de genoemde voorwaarden.De uitkering kan nooit hoger zijn dan de vastgestelde alimentatie.Voorbeeld
Mireille is gescheiden van Karel. Ze krijgt geen alimentatie, omdat Karel een zeer laag inkomen heeft. Haar dochter Sophie die 9 jaar is, is bij haar gebleven. Als Karel twee jaar later aan kanker overlijdt, krijgt Mireille geen nabestaandenuitkering, maar ze gaat wel een halfwezenuitkering ontvangen voor Sophie, die immers halfwees geworden is.Geen recht
De nabestaande heeft onder andere geen recht op een nabestaandenuitkering als de echtgenoot of degene met wie men samenwoonde is overleden:binnen een jaar nadat men is getrouwd of is gaan samenwonen of binnen een jaar na aanvang van de verzekering en bovendien de gezondheidstoestand op het moment van trouwen/samenwonen of aanvang van de verzekering al zo slecht was dat het overlijden binnen een jaar was te verwachten.Had de nabestaande eerder een AWW- of ANW-uitkering die door dit huwelijk of de samenwoning was gestopt, dan is er wél opnieuw recht.Hoogte
De nabestaandenuitkering bedraagt maximaal 70% van het netto minimumloon en is afhankelijk van het inkomen. Bedragen vindt u bij de Sociale Verzekeringsbank.Inkomen
De hoogte van de nabestaandenuitkering is afhankelijk van het inkomen van de nabestaande.Inkomen in verband met arbeid (o.a. uitkeringen), wordt volledig gekort op de nabestaandenuitkering. Inkomen uit arbeid (loon, winst, VUT-uitkering, vervroegd pensioen) blijft gedeeltelijk vrij. De vrijlating is 50% van het bruto minimumloon plus 1/3 deel van het meerdere inkomen. Het resterende bedrag wordt van de nabestaandenuitkering afgetrokken. Eigen vermogen, de inkomsten daaruit en aanvullende nabestaandenpensioenen worden niet op de nabestaandenuitkering gekort.Voorbeeld
Mevrouw Sikkel, geboren in 1949, verdient ƒ 1000,- bruto per maand. Als haar man overlijdt, krijgt zij een volledige nabestaandenuitkering. Haar inkomen blijft onder het bedrag van 50% van het minimumloon.Voorbeeld
Mevrouw Kwakel, geboren in 1948, heeft een WAO-uitkering van ƒ 1000,- bruto. Als haar man overlijdt, wordt haar nabestaandenuitkering hiermee verminderd. Zij ontvangt dus (bruto) ƒ 1000,- minder aan nabestaandenuitkering.De halfwezenuitkering
Recht op een halfwezenuitkering heeft degene die een halfwees tot 18 jaar in zijn huishouding verzorgt.Vaak is dat de overblijvende ouder, maar het kan ook iemand anders zijn. De halfwezenuitkering bedraagt (per gezin) 20% van het netto minimumloon en is niet afhankelijk van het inkomen.Voorbeeld
Mevrouw van Dijk, geboren 1 juni 1950, is weduwe sinds 1990. Haar zoon Floris is acht jaar. Zij hertrouwt in 1997. Daardoor verliest zij haar nabestaandenuitkering, maar ze houdt recht op de halfwezenuitkering, tot Floris 18 jaar is.
Floris is en blijft immers halfwees. Alleen adoptie kan daar een eind aan maken.Voorbeeld
Simon Vis en Irene de Beer gaan scheiden. Hun kinderen Marloes en Simone, acht en tien jaar, blijven bij Irene die gaat samenwonen met Hans. Irene werkt niet, Hans verdient maandelijks zo’n ƒ 6000,- bruto. Als Hans vier jaar later overlijdt, heeft Irene recht op een nabestaandenuitkering, maar niet op een halfwezenuitkering. De kinderen zijn immers geen halfwezen.Wezenuitkering
Een kind van wie beide ouders zijn overleden, heeft recht op een wezenuitkering. In principe bestaat recht op wezenuitkering voor wezen tot 16 jaar. Voor wezen van 16 jaar en ouder alleen als het kind:ten minste 45% arbeidsongeschikt is, tot het 18e jaar. Daarna kan het kind in aanmerking komen voor een Wajonguitkering (op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten). Het recht op een wezenuitkering loopt door tot het kind 21 jaar is, als dat kind: onderwijs volgt gedurende gemiddeld 213 klokuren per kwartaal. Huiswerk en reistijd tellen hierbij niet mee; of de eigen huishouding verzorgt waarin nog een broer of zus woont dat recht heeft op een wezenuitkering. De hoogte van de wezenuitkering is afhankelijk van de leeftijd van de wees. De wezenuitkering is onafhankelijk van eventueel ander inkomen. Vakantie-uitkering
Naast de uitkeringen bestaat er recht op een vakantie-uitkering. De vakantie-uitkering wordt jaarlijks in mei betaald.Einde van de nabestaandenuitkering
De nabestaandenuitkering eindigt als de nabestaande:65 jaar wordt; overlijdt; hertrouwt of gaat samenwonen (behalve wanneer de samenwoning tot doel heeft om een hulpbehoevende te verzorgen of als de nabestaande zelf hulpbehoevend is en verzorging nodig heeft); niet langer voor ten minste 45% arbeidsongeschikt is. De uitkering eindigt ook als: het jongste kind 18 jaar wordt of het kind onder de 18 jaar tot het huishouden van een ander gaat behoren;
tenzij de nabestaande op dat moment voor ten minste 45% arbeidsongeschikt is, of is geboren vóór 1 januari 1950 (of hiermee is gelijkgesteld).Voorbeeld
Mevrouw Van Dalen is geboren in 1957. Zij werkt niet. Zij verliest haar partner in 1997. Haar dochters zijn dan 14 en 16 jaar. Zij krijgt nabestaandenuitkering en halfwezenuitkering. In 1998 wordt bij haar een ernstige vorm van reuma geconstateerd. Als in 2001 haar jongste dochter 18 jaar wordt, zou zij normaal gesproken de nabestaandenuitkering verliezen. Nu behoudt zij de nabestaandenuitkering, omdat zij op dat moment minstens 45% arbeidsongeschikt is (de Sociale Verzekeringsbank zal haar laten keuren).Einde van de halfwezenuitkering
De halfwezenuitkering eindigt:als de halfwees 18 jaar wordt, tot het huishouden van iemand anders gaat behoren, als de ouder of verzorger 65 jaar wordt én deze recht heeft op een één-ouderpensioen van de AOW, of als de halfwees wordt geadopteerd door de (nieuwe) echtgenoot van de overgebleven ouder. Overlijdensuitkering
Bij overlijden van de nabestaande eindigt het recht op nabestaandenuitkering en/of halfwezenuitkering met ingang van de dag na het overlijden. De nabestaanden kunnen recht hebben op de overlijdensuitkering die gelijk is aan de uitkering die de overledene over een maand ontving en de daarbij behorende vakantie-uitkering. De overlijdensuitkering is belasting- en premievrij.Voor wie is de overlijdensuitkering?
Recht op de overlijdensuitkering hebben:de minderjarige wettige of erkende natuurlijke kinderen; of, als die er niet zijn degene met wie de nabestaande in gezinsverband leefde en voor wie hij of zij grotendeels in het levensonderhoud voorzag. Meestal gaat het dan om meerderjarige, thuiswonende (stief- of pleeg)kinderen. Aanvraag
Een aanvraag om uitkering moet u indienen bij het kantoor van de Sociale Verzekeringsbank (SVB). Wie aangifte doet van het overlijden, ontvangt een aanvraagformulier van de gemeente.Vrijwillige verzekering
Wanneer de verplichte verzekering eindigt, bijvoorbeeld omdat u in het buitenland gaat wonen of werken, kunt u de verzekering voor de ANW vrijwillig voortzetten. Dit kan alleen in combinatie met een vrijwillige verzekering voor de AOW.Naar verwachting komt er in 2000 een keuzemogelijkheid om u vrijwillig te verzekeren voor uitsluitend AOW of ANW. Vooruitlopend hierop kunnen verzekeringsplichtige AOW'ers die op 31 december 1999 met hun jonger dan 65 jarige partner in het buitenland wonen, zich vanaf 1 januari 2000 vrijwillig verzekeren. Vanaf die datum is deze groep 65-plussers immers niet langer verplicht verzekerd voor de ANW.Voor meer informatie kunt u terecht bij het kantoor Verzekeringen van de Sociale Verzekeringsbank, afdeling Vrijwillige Verzekering, Postbus 357, 1180 AJ Amstelveen, tel. 020 656 5225.ANW in het buitenland
Sinds 1 januari 2000 geldt dat u uitsluitend met behoud van de ANW -uitkering kunt wonen in de
EU/ EER-landen, de Nederlandse Antillen, Aruba en landen waarmee Nederland een bilateraal verdrag heeft gesloten (met uitzondering van Australië). U kunt de ANW -uitkering ook meenemen als u in het algemeen belang in het buitenland werkt, dus bijvoorbeeld als u diplomaat bent of ontwikkelingswerker.Woonde u al vóór 2000 met uw ANW -uitkering in een niet-verdragsland, dan behoudt u op grond van een overgangsregeling tot 2003 uw ANW -uitkering. Mocht er intussen een verdrag tot stand komen tussen uw woonland en Nederland, dan behoudt u ook na 2003 uw uitkering.Klachten
Met klachten over de wijze van uitvoering moet u zijn bij het kantoor van de Sociale Verzekeringsbank. Wijst het kantoor de klacht af, of blijft een antwoord langer uit dan zes weken, dan kunt u terecht bij de Nationale ombudsman, Postbus 29729, 2502 LS Den Haag.Bezwaar en beroep
Als u het niet eens bent met een beslissing van de Sociale Verzekeringsbank moet u eerst een bezwaarschrift indienen bij de Sociale Verzekeringsbank. Tegen de beslissing die daarop wordt genomen, kunt u in beroep gaan bij de rechtbank (sector bestuursrecht).Meer informatie
Voor meer informatie over de Algemene nabestaandenwet kunt u terecht bij de
Sociale Verzekeringsbank.
Bron: Algemeen
Meer verzekeringnieuws: modules.interplein.nl/offertes/lang/ziektekosten/form.asp

pensioen nieuws:

vakantie

Uitstel dreigt voor VUT-maatregelen

DEN HAAG - De kabinetsplannen voor VUT en prepensioen dreigen niet op 1 januari volgend jaar in te gaan, maar pas een jaar later. Een ruime meerderheid in de Eerste Kamer, die de wetsvoorstellen dinsdag behandelt, dringt er bij het kabinet sterk op aan de ingreep een jaar uit te stellen. De kabinetsvoorstellen komen erop neer dat de premies voor VUT en prepensioen niet langer fiscaal aftrekbaar zijn, behalve voor werknemers die dit jaar 55 jaar of ouder zijn. Het kabinet wil op die manier bevorderen dat mensen langer aan de slag blijven. De ingreep brengt met zich dat vele duizenden pensioenregelingen vóór 1 januari moeten worden aangepast. Volgens pensioenfondsen, verzekeraars en vakbeweging is dat vrijwel onmogelijk. Ook CDA-senator Vedder-Wubbe noemde de invoeringstermijn dinsdagmiddag "echt te kort" en riep minister De Geus van Sociale Zaken en staatssecretaris Wijn van Financiën op haar van het tegendeel te overtuigen. Eerste-Kamerlid Schouw van D66 vindt dat "nu maar gelijk" de datum van invoering gesteld moet worden op 1 januari 2007. Als de bewindslieden vinden dat dit niet nodig is, zullen ze volgens de senator in dat geval " hun politieke leven aan een correcte uitvoering" moeten verbinden. " Immers, geen bewindspersoon kan zeggen dat er niet van te voren gewaarschuwd is." PvdA-senator Leijnse wees erop dat het ombouwen van pensioenregelingen een ingewikkelde materie is. "Fouten kunnen grote financiële gevolgen hebben en de pensioenrechten van mensen in de kern aantasten." Volgens hem mag het bij een dergelijke ingrijpende verandering niet uitmaken of deze begin 2006 of begin 2007 zijn beslag krijgt. Bron: telegraaf
verzekering vrouw  
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Terug naar Balder Pensioenen