Op 1 juni 1999 is de nieuwe Wet
Loonbelasting in werking getreden voor wat betreft pensioenregelingen. Alle op
deze datum reeds bestaande pensioenregelingen hebben tot 1 juni 2004 de tijd
gekregen om aangepast te zijn aan de nieuwe fiscale bepalingen omtrent
pensioenopbouw. Met name voor de directeur grootaandeelhouder betekent dit
vanaf 2004 een verlaging van zijn maximaal toegestane pensioenopbouw.
De directeur grootaandeelhouder zal
overwegend een eindloon pensioentoezegging hebben. Het belangrijkste kenmerk
hiervan is dat elke salarisstijging leidt tot een pensioenverhoging over alle
reeds verstreken dienstjaren. Dit wordt backservice genoemd. Hierdoor kan de
directeur grootaandeelhouder ook daadwerkelijk op 70% van zijn laatstverdiende
salaris uitkomen.
Tot aan 1 juni 2004 zal menig
directeur grootaandeelhouder een jaarlijks opbouwpercentage hebben van 2,33%.
Vanaf 1 juni 2004 is dit nog maximaal 2% (met kans op minder). De vraag is nu
hoe de backservice wordt verkregen in het nieuwe regime. Gaat dit over de oude
dienstjaren op basis van 2,33% of 2% per dienstjaar. Een belangrijke vraag voor
de pensioenopbouw van een directeur grootaandeelhouder.
Op 22 april heeft de
Staatssecretaris van Financiën omtrent deze problematiek een uitspraak gedaan.
De backservice die ontstaat in het nieuwe regime dient tegen 2% per dienstjaar
over de reeds verstreken diensttijd te gaan. Rekentechnisch betekent dit dat
een gedeelte opgebouwd pensioen in het oude regime altijd in het dossier
bewaard dient te blijven als een soort ‘excedent’. Dit stukje betreft het
verschil tussen de werkelijk opgebouwde rechten en fictieve pensioenopbouw als
deze volledig in het nieuwe regime zou hebben plaatsgevonden.
Het bovenstaande heeft nogal wat gevolgen voor de
pensioenopbouw van een directeur grootaandeelhouder.
Voor meer informatie over pensioen opbouw adviseren wij u de site:
pensioen verzekering te bezoeken.
pensioen opbouw nieuws
Een op tien gepensioneerden heeft bijbaantje
Een op tien gepensioneerden heeft bijbaantje
Uitgegeven: 30 oktober 2004 08:51
Laatst gewijzigd:
30 oktober 2004 08:53
UTRECHT - Ongeveer 13 procent van de gepensioneerden heeft
een bijbaantje. Zij kunnen niet rondkomen van hun
oudedagsvoorziening. Dat blijkt uit een onderzoek van het Nationaal
Instituut voor Budgetvoorlichting (Nibud) .
Uit de enquête onder drieduizend mensen blijkt dat 72 procent
van de gepensioneerden na hun pensionering minder te besteden
krijgt. Een kwart behoudt een even dikke portemonnee en 5 procent
gaat er in inkomen op vooruit.
Voorbereiden
Om de achteruitgang in inkomen op te vangen, bezuinigt eenderde
van de 65-plussers. Een kwart teert in op het eigen vermogen en 13
procent neemt dus een bijbaantje. Achteraf gezien had tweederde van
de ondervraagden meer pensioen willen opbouwen.
Volgens het Nibud bereiden niet alleen veel ouderen zich slecht
voor op de nieuwe fase in hun leven. Zo neemt ook slechts een kwart
van de gezinnen financiële maatregelen voor de komst van kinderen.
Betaald verlof
Uit het onderzoek blijkt volgens het Nibud verder dat
Nederlanders niet zitten te springen om te kunnen sparen voor
betaald verlof. Consumenten willen pas geld of vrije tijd opsparen
voor verlof als ze zeker weten daar later ook gebruik van te gaan
maken, zo zeggen de budgetvoorlichters. Verder geven mensen de
voorkeur aan de garantie dat ze kunnen terugkeren naar hun oude
werkgever na een loopbaanonderbreking.
"Slechts drie op de tien ondervraagden jonger dan 35 jaar is
bereid om tien jaar lang 5 procent van het salaris in te leveren
voor verlof. Maar de helft van deze groep zou wel onbetaald verlof
willen met terugkeergarantie," zegt het Nibud.
Sabbatical
"Mensen zijn eerder geneigd te sparen voor verlof als het om
een concreet doel gaat. Eenderde wil sparen voor bijvoorbeeld
studieverlof of een sabbatical. Voor verlof dat misschien nodig is,
zoals zorgverlof en ouderschapsverlof, wil slechts een kwart
sparen."
In april concludeerde het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP)
ook al dat de meeste werknemers geen behoefte hebben aan
spaarmogelijkheden voor verlof om hun loopbaan tijdelijk te
onderbreken.
Levensloopregeling
Het kabinet wil de huidige regeling voor verlofsparen laten
opgaan in de zogeheten levensloopregeling, zodat mensen zorg en
werk makkelijker kunnen combineren. Uit het SCP-onderzoek bleek
echter dat werknemers niet voor verlof gaan sparen met het oog op
(latere) zorgtaken.
DEN HAAG - Bij de Hartstichting verdwijnen tien van de ruim honderd banen. Dat is een
direct gevolg van de lagere opbrengsten van de fondsenwerving. Enkele
gedwongen ontslagen zijn niet uitgesloten. Directeur B. De Blij heeft dit
vrijdag bevestigd.
Ophef over het riante salaris van medisch directeur V. Manger Cats leidde er
vorig jaar toe dat duizenden collectanten afhaakten en de Hartstichting
duizenden euro's misliep.
De Hartstichting ontsloeg Manger Cats in april 2004, omdat die niet instemde
met een verlaging van zijn salaris, destijds 170.000 euro. Na publicaties in
diverse media over het loon van de directeur ontstond er binnen de
Hartstichting commotie. Dat was opmerkelijk, aangezien beide partijen de
salarisafspraken al jaren geleden hadden vastgelegd.
Manger Cats vocht in juli met succes zijn ontslag aan, en ging in spetember
met vervoegd pensioen.
Ook andere inkomstenbronnen van de Hartstichting zijn teruggelopen. Daarover
wil de directeur De Blij echter nog niets zeggen. De Hartstichting heeft al
in het najaar van 2004 in overleg met de ondernemingsraad maatregelen
getroffen om de doelmatigheid van de organisatie te verbeteren. Het
schrappen van de banen maakt daar deel van uit. "We moeten de tering
naar de nering zetten", aldus De Blij.
Bron: telegraaf